De weg en het doel

“Nee ik ga het niet redden, geen tijd, moe, rotweer…. Ik ga maar  niet trainen vandaag… morgen wel weer”.  Enkele veel gehoorde ‘rationele verklaringen voor gemaakte keuzes, vaak ingegeven door een gevoel.

Excuses voor de annulering of uitstelling van een voorgenomen training. Toch voelen we ons er uiteindelijk meestal niet zo lekker bij… Ergens knaagt dan de onvrede over de afzegging. Wat kunnen wij weekendlopers en recreanten leren van de manier waarop topatleten zichzelf motiveren?

In de topsport moet vaak keihard worden getraind. Om de concurrentie bij te houden, in te halen en voor te blijven. Om die zware mentale belasting aan te kunnen, wordt gebruikgemaakt van psychologische principes. En als het gaat over motivatie is doelen stellen de belangrijkste techniek. In de sportpsychologie wordt gebruikgemaakt van drie soorten doelen:

Winstdoelen
Hierbij vergelijk je jezelf met anderen. Het willen winnen van een wedstrijd bijvoorbeeld, maar ook het voornemen van een loper in de achterhoede: ‘niet laatste worden’, is een winstdoel.

Prestatiedoelen
Hierbij zet je je eigen prestaties af tegen harde meetcriteria zoals tijd, afstand, kilo’s of hartslagen per minuut. Prettige hierbij is dat je het op je eigen niveau kunt doen en dus onafhankelijk bent van de tegenstander.

Procesdoelen
Hierbij richt je je aandacht op een bepaalde gewenste uitvoer of techniek. ‘Soepel en ontspannen”lopen is hiervan een voorbeeld, maar ook ‘kapot gaan’ of ‘plezier hebben’. Procesdoelstellingen zijn deels subjectief, maar daarom niet minder belangrijk.

Kies steeds een nieuw doel dat uitdagend maar haalbaar is.
Maar wat zeker ook heel erg belangrijk is, is dat je je richt op ontspannen en soepel lopen, je hebt dan altijd een plezierige ervaring en dat is misschien wel het sterkste argument.

Want ook al denken we over onszelf als rationeel, uiteindelijk worden we allemaal gedreven door gevoel en emotie.
‘Geen tijd’ komt vaak neer op ‘geen prioriteit’. Sporten is vaak de sluitpost van onze beperkte tijd. We denken hiermee tijd te kunnen winnen, maar uiteindelijk verliezen we tijd op de langere termijn. Kortetermijnwinst levert vaak minder op dan de investering op de lange termijn. Door het sporten laden we namelijk onze batterij weer op, zodat we meer energie hebben, beter kunnen focussen en dus efficiënter onze dagelijkse dingen kunnen doen.

Maar als we ervaren dat het wekelijkse hardlooprondje ons uiteindelijk veel meer energie, plezier en gezondheid oplevert dan het uurtje tijdwinst van de besparing hierop, wordt bewust kiezen voor hardlopen ineens heel makkelijk.